|
Catharina de Grote (1729-1796)
Na lezing van het
recent uitgekomen boek van Simon Dixon over Catharina de Grote, kreeg ik
het gevoel dat ik in mijn
eigen studie tot nu
toe iets heel belangrijks had gemist, namelijk een portret van de
machtigste vrouw van Europa in de 18de
eeuw. Met heel
andere ogen kijk ik nu naar de geschiedenisboeken waarmee ik lesgeef en
constateer dat daarin nauwelijks
recht wordt gedaan
aan haar persoon. De enige vermelding betreft: ‘Niet alle vorsten waren
zoals Lodewijk XV. Sommigen
probeerden de
nieuwe denkbeelden van de verlichtingsfilosofen in de praktijk te brengen.
Bijvoorbeeld keizer Jozef II van
Oostenrijk,
tsarina Catharina II van Rusland en koning Frederik II van Pruisen. Zij
voerden veranderingen door die goed
waren voor het
volk. Zo probeerden ze het onderwijs en het gevangenissysteem te
verbeteren. Lijfstraffen werden afgeschaft’.
Om Catharina
goed, maar vooral ook overzichtelijk te beschrijven, is het verhaal over
haar opgedeeld in kleine hoofdstukjes.
|
1710
|
1720
|
1730
|
1740
|
1750
|
1760
|
1770
|
1780
|
1790
|
1800
|
|
Peter I 1682 - 1725 x
Cath I 1725
- 1727
Peter II 1727 - 1730
|
Anna Ivanovna
tsarina 1730- 1740
|
Ivan VI tsaar 1740 -
1741
Elisabeth tsarina
1741 --------------1761
|
Paul
(Alexander I)
(Nicolaas I)
|
|
|
1729 Catharina geboren
|
|
Peter III tsaar 1761 - 1762
Catharina II tsarina 1762 ------------------------------- 1796
|
|
|
Polen
|
August III 1733 - 1763
koning Polen
en keurvorst
Saksen/ grootvorst Litouwen
|
Stanislaus Poniatowski
1764 ----------------------------- 1795
koning van Polen
|
Polen is
verdeeld
|
|
Oosten-
rijk
|
|
Jozef II 1765 – 1790 keizer van Heilige
Roomse Rijk
1780
- 1790 koning van Bohemen,
Hongarije en hertog Luxemburgeizer
van Heilige Roomse Rijkzef II 1765 - 1790 ters
|
Leopold II
Frans II
|
|
Pruisen
|
|
Frederik II (de Grote) 1740 -------------------------------------------------- 1786
koning van Pruisen
|
Frederik Willem II
|
|
Zweden
|
|
Gustaaf III 1771 ---------------------------- 1792
|
Gustaaf IV
|
|
Engeland
|
|
1727---George II koning van
Groot-Brittannië en Ierland
-1760
1760 ---- George III koning van het Verenigd
Koninkrijk………...................... 1820
regering in feite in handen van William Pitt de Oudere en William
Pitt de Jongere
|
|
Frankrijk
|
Lodewijk
XV 1715
--------------------------------------------------------------------------------1774 1789
revolutie
Lodewijk
XVI 1774 ----------------------------- 1792
|
Napoleon
|
|
Osmaan-
se Rijk
|
Mahmut I
Osman III Mustafa
III Abdűlhamit
I Selim III
Sultan
1730---------------------------------------------1754---- 1757 ----------------------------- 1774-----------------------1789 -------------------1807
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Hoofdstukindeling:
- de
geschiedenis van Rusland tot 1760
- de
Verlichting en haar belangrijkste vertegenwoordigers in de 18de
eeuw
3. Catharina de Grote
1. De
geschiedenis van Rusland tot 1760
Men onderscheidt in de geschiedenis van
Rusland ‘van vroeger tot 1760
’ vier
periodes:
|
ca. 900
-------------------
1200
----------------------------------- 1450
----------------------------------- 1700 ------------------------------ 1917
|
|
het Kievse Rusland
|
het Tataars- Mongoolse juk
|
de Moskovische periode
|
periode van het Russische Rijk
|
|
|
|

|
|
De uitbreiding
van Rusland tussen 1613 en 1914
|
Catharina 1770
|
Catharina 1793
|
Voor ons onderzoek zijn de laatste twee periodes het
meest relevant:
Na de val van
Constantinopel in 1453 benoemde Ivan de Grote zichzelf in 1462 tot
‘Tsaar van heel Rusland’. Volgens hem
was de Romeinse
keizerstitel van Byzantium op hem overgegaan, omdat hij met de Byzantijnse
prinses Sophia getrouwd
was en Rusland
bovendien het laatste bolwerk van de Oosterse orthodoxie was. Vanaf 1480,
na de verwerping van de
soevereiniteit
van de Gouden Horde ( de Mongolen) werd het grootvorstendom Moskou Moskovië
genoemd.
Van 1533 tot 1584
regeerde Ivan IV, die de eerste zeeweg opende, de eerste zeehaven
stichtte (Archangelsk) en
handelsbetrekkingen met Engeland
aanknoopte. Er werd een begin gemaakt met de verovering van de gebieden ten
oosten
van de Wolga en de
wouden en steppen van Siberië. De Krimtartaren lieten zich echter niet
overrompelen en plunderden
Moskou in 1571.
Ivan IV werd op latere leeftijd paranoïde en zijn regeerperiode ontaardde
in een schrikbewind, vandaar
zijn bijnaam ‘de
Verschrikkelijke’.
Na zijn dood
volgde zijn gehandicapte zoon Fjodor hem op, maar in feite regeerde diens
zwager Boris Godoenov.
Zijn
regeerperiode bracht een tijd lang economische bloei, maar eindigde met
hongersnood, constante machtswisselingen,
binnenlandse twisten
en invallen door Polen- Litouwen en Zweden.
In 1613 kwam Michail
Romanov, een achterneef van Ivan de Verschrikkelijke, op de troon. De
eerste jaren brachten weinig
verbetering, maar
de sociaal-politieke stabiliteit in Rusland herstelde enigszins. In 1617
werd met Zweden en in 1619 met
Polen- Litouwen
vrede gesloten.
|

Schilderij met de vervolging van de oudgelovigen: Twee
gekruiste vingers (i.p.v. drie) is de juiste manier om het kruisteken te
maken volgens hen.
|
In 1652 begon men met steun van de tsaar de Russische
kerk te uniformeren met de Grieks- Byzantijnse kerk: men week namelijk op
een aantal tekstuele punten af van de Byzantijnse traditie en men dacht
dat deze verschillen waren ontstaan door fouten aan Russische zijde bij
het overschrijven van kerkelijke boeken. Velen betwistten de juistheid
van deze hervormingen en er ontstonden massale protesten. Toch werden op
het concilie van 1666-67 de nieuwe riten en teksten ingevoerd en werd de
oude "Russische" traditie vervloekt. Het kwam tot een schisma,
waarbij er een officiële kerk kwam, gesteund door de staat, en
groeperingen die deze hervormde kerk niet erkenden, de zg.
‘oudgelovigen’. Zij werden lang enorm vervolgd.
Het schisma had grote gevolgen: er ontstond een
bestuurlijke, veelal aristocratische elite die steeds meer
verwesterde en seculariseerde, en het Rusland van het gewone volk,
dat trouw bleef aan het "heilige Rusland" met zijn
vroomheidsideaal.
|
Kozakken,
tsaristische troepen, bontjagers en avonturiers drongen Siberië binnen en in
1645 stonden zij aan de Grote
Oceaan. De
onderworpen volken moesten belasting aan de tsaren in Moskou betalen,
meestal in de vorm van dierenhuiden.
Deze heffing
ging vaak gepaard met vreselijke afpersing en onderdrukking.
|
Peter de Grote (1672-1725) wilde met geweld
zijn land moderniseren. Hij reisde hiervoor met name naar Engeland en
Nederland. Hij voerde oorlog tegen het Ottomaanse Rijk en de Perzen en
won de Grote Noordse Oorlog tegen Zweden, waardoor de rol van Zweden als
grootmacht grotendeels was uitgespeeld en Rusland toegang kreeg tot de
Oostzee. Hij hief een belasting op
het dragen van baarden en dwong edelen zich te scheren en westerse kledij
te dragen. Hij schafte het patriarchaat af en verving dat door een nieuw
orgaan, de Heilige Synode. Vanaf dat moment werd de kerk feitelijk
ingelijfd door de staat en werd ze ook bestuurd door de staat.
|

|
|
In 1703 stichtte hij de stad Sint-Petersburg in een op
de Zweden veroverd moeras. Bij de bouw van deze nieuwe hoofdstad stierven
duizenden arbeiders, onder wie veel Zweedse gevangenen en vooral veel
lijfeigenen.
De West-Europese cultuur deed onder Peter de Grote
definitief haar intrede in Rusland.
|
Elisabeth stond in Rusland bekend als de dochter van
de kok, omdat haar ouders Peter de Grote en Catharina I officieel
nog niet waren
getrouwd toen ze geboren werd. Peter probeerde Elisabeth uit te huwelijken,
o.a. aan Lodewijk XV van
Frankrijk, wat
mislukte vanwege haar onwettige
status en haar geloof. Na de dood van haar moeder, een analfabete,
was
zij de gunsteling
van Peter II, maar na zijn dood in 1730 werd tot haar ergernis haar
nicht Anna I zijn opvolger.
Omdat Elisabeth
nog niet was gehuwd en veel kandidaten had afgewezen, dreigde men haar in
een klooster op te sluiten.
Ze organiseerde
uit angst hiervoor een staatsgreep:
Ze zette de Ivan VI, die –als baby- enkele maanden eerder
zijn tante
Anna I was
opgevolgd, in 1741 af. Vervolgens kroonde zij zichzelf en liet Ivan
opsluiten. In 1742 trouwde ze in het geheim
met Aleksej
Razoemovski en ging op zoek naar een rechtmatige erfgenaam, om te zorgen
dat de Romanov-dynastie,
doorgezet kon
worden.
Ze koos haar neef
Peter van Holstein-Gottorp. Op 7 november 1742 werd hij officieel tot
erfgenaam benoemd. Hierna ging
ze op zoek naar
een geschikte vrouw voor hem. Het werd prinses Sophie Augusta van
Anhalt-Zerbst. Op de dag van
haar bekering tot
de Russisch Orthodoxe Kerk, nam Sophie de naam Catharina aan,
als eerbetoon aan de moeder van
Elisabeth.
Elisabeth voerde een verlichte politiek: de doodstraf werd - vooruitlopend
op de rest van Europa – afgeschaft en
tijdens haar
regering werd de eerste Russische universiteit geopend. Zij haalde in 1757 Voltaire
naar het hof om een boek te
schrijven over
haar vader.
Voor het leven
van Catharina wordt verwezen naar hoofdstuk 3.
Voor een
beschrijving van de ideeën die Catharina (en Elisabeth ook reeds) overnam
vanuit de Verlichting, zie hoofdstuk 2.
|